Prikkelgevoeligheid
Als eerst bericht schrijf ik over mijn witte kamer, die mij beschermde van de buitenwereld. Maar na een tijd wilde ik mij weer openen naar de wereld en dat was een enorm uitdaging. Een nieuw leerproces.
Zoals ik het toen – en nog steeds – formuleer: de informatie uit de externe en interne omgeving (ze zijn de prikkels) komen eerst in een soort "buffer" terecht. Daar wordt gefilterd wat belangrijk is en wat niet. Wat belangrijk is, mag verder en dat wordt door ons bewust gemerkt. Wat niet belangrijk is, wordt losgelaten.
Die filter van mij was kapot. De prikkels kwamen heel intens binnen. Ik had er geen controle over en ik kon ze niet negeren. Mijn hoofd raakte vol en niets werd nog tegengehouden. De buffer liep over, ik raakte overprikkeld.
Ik denk dat ik toen sterke paniek ervoer. Mijn hartslag ging omhoog en lange tijd vond ik geen manier om die zelf weer omlaag te brengen.
In het uiterste geval viel ik flauw. Soms gebeurde dat op straat en werd ik ter plekke geholpen en bracht iemand mij naar huis. Eén kéér werd ik met de ambulance meegenomen.
Ik schrijf dit niet om af te schrikken, maar om te laten zien wat er bij mij gebeurde en wat ik moest leren oplossen.
Een avond viel ik flauw op straat, naast mijn auto op een parkeerplaats. Een vriendelijke vrouw kwam eerst bij mij, ze belde de ambulance. Ze was rustig en sprak tegen mij, ze heeft vragen gesteld, maar ik kon ze niet beantwoorden, kon niet bewegen en kon niet spreken.
Meerdere mensen kwamen helpen, dat herinner ik me nog. Tot de ambulance arriveerde, waren er momenten dat ik bij bewustzijn was en momenten die volledig zijn weggevallen.
Toen ik in de ambulance werd gelegd, kwam ik weer bij bewustzijn. Ik kon bewegen, maar nog steeds niet praten. Ik had een verschrikkelijke hoofdpijn, zo hevig dat ik alleen maar kon schreeuwen.
De ambulancemedewerkers probeerden mij te helpen, maar ik kon niet uitleggen wat er mis was. Het licht in de ambulance was heel fel, en, om sneller bij het ziekenhuis te komen, zetten ze ook de sirene aan.
Dat maakte het erger en verhevigde mijn hoofdpijn. Uiteindelijk begon de medicatie te werken en werd ik rustiger.
In de behandelkamer van het ziekenhuis werd er opnieuw met fel licht op mij geschenen, wat natuurlijk begrijpelijk is. Toch kwam de hevige hoofdpijn weer terug. Eindelijk draaide iemand het felle licht van mij weg. Dat hielp en ze kon met mij communiceren, ik kon “ja” en “nee” met mijn hand aangeven.
Later kreeg ik het erg koud. Na een tijdje kon ik alleen nog zachtjes het woord “koud” zeggen. Dat kostte al veel energie. Gelukkig hoorde de verpleegkundige mijn herhaalde pogingen en dekte mij toe.
Na onderzoeken werd vastgesteld dat mijn toestand door stress was veroorzaakt.
Ik moest mezelf beschermen tegen het opnieuw gebeuren van dit alles. Ik moest leren om bewust om te gaan met externe en interne prikkels, me erop voor te bereiden en ze te leren voorkomen.
Dit gedeelte gaat daarover, hoe ik het deed.
Maak jouw eigen website met JouwWeb