Mijn witte kamer

In de eerste periode na mijn instorting had ik maar één doel: verdwijnen voor de wereld en volledig alleen zijn.

 

Alles stoorde mij toen. Ik keerde me volledig naar binnen.

 

Ik wist toen nog niet dat wat ik deed een naam had, namelijk een visualisatie-oefening. Ik deed het gewoon.

 

Ik stelde me voor dat ik in een witte kamer was: de muren, het plafond en de vloer waren wit. Er stond alleen een comfortabel, zacht bed in de kamer, ook helemaal wit. Alles had één kleur. Er was geen deur of raam in de kamer, er kwam geen licht van buiten binnen. Een zacht, gelijkmatig licht verlichtte de ruimte.

 

De kamer was aangenaam warm en alles voelde zacht en prettig aan.


Er drong geen enkel geluid binnen, het was volledig stil.

 

Ik stelde me deze plek voor om mij af te sluiten van de buitenwereld. Dit was de enige plek waar ik mij op dat moment draaglijk voelde. Hier waren geen externe prikkels.

 

Dit was mijn rustkamer.

 

Maak jouw eigen website met JouwWeb